Dankzij de inzet van kinderen, gezinnen, de dorpsgemeenschap in Arivu én de sponsors in Nederland is het zover: het dorpsprogramma in Arivu kan na zeven jaar worden afgerond. De dorpsgemeenschap kan nu zelf verder. Feest!

Bekijk deze prachtige video om de afronding van het dorpsprogramma in Arivu met ons te vieren.

Het is zover! De jaarlijkse update over 2024 vanuit de dorpsprogramma’s is er. Alle sponsors en donateurs hebben zo’n update vol mooie, inspirerende verhalen per post ontvangen. En wát een mooie resultaten kunnen we weer delen! Lees je mee met een paar hoogtepunten?

”Ze draait mijn armen heen en weer en slaat er zachtjes op. Dan schatert ze het uit. Ze vindt mijn huidskleur hilarisch en is helemaal niet bang. Als we het kleine huis binnen gaan is ze niet van mij weg te slaan. Ze gaat naast mij zitten en blijft maar met haar handjes aan mijn huid voelen. Ze blijft lachen en verliest mij geen moment uit het oog.

Kevine is twee en groeit op in Rwanda. Ze heeft dezelfde prachtige ogen als haar moeder Francine en vindt het geweldig dat we naar haar huis komen. Het hele dorp is trouwens uitgelopen, iedereen wil wel eens zien wat die witte mensen hier komen doen. We horen van onze Rwandese collega’s dat dit de eerste keer is dat er auto’s in het dorp zijn. En buitenlanders. En camera’s. Iedereen wil het zien en meemaken. Waar we ook gaan er lopen grote groepen kinderen met ons mee. Ze verstoppen zich achter bosjes en struiken om zo dicht mogelijk bij ons te kunnen komen. Als we ze gedag zeggen vliegen ze luid lachend alle kanten op om even later weer terug te komen om opnieuw naar ons te kijken.

Het leven hier, op het platteland van Rwanda, is hard. Moeder Francine vertelt ons dat er niet genoeg voedsel is voor het gezin. Ze gaan regelmatig met honger naar bed. Schoon water is er niet, elke dag haalt Claude, de vader van het gezin, twee jerrycans water uit het meer dat vijf kilometer verder op ligt. Het water is niet schoon en regelmatig hebben mensen hier last van darmklachten, infecties of wormen. Maar het is het enige water dat er is.

Het huis van het gezin is klein en gemaakt van leem en golfplaten. Het is nog geen drie meter diep en bestaat alleen uit een woongedeelte en een slaapplek. Het is er donker en heet. Achter in de tuin staat een klein hokje dat dienst doet als toilet.

Francine is zwanger van haar derde kind. Voor haar controles moet ze drie uur lopen naar het dichtstbijzijnde medische centrum. Daar kan ze ook bevallen, zodra de bevalling begint kan haar man haar brengen op de fiets. De wegen hier zijn slecht en Rwanda heeft veel heuvels. De hellingen op fietsen lukt niet dus dan zal ze toch moeten lopen.

Kevine glimlacht nog eens breed naar mij en kijkt het leven zonnig tegemoet. Ze heeft nog weinig zorgen. Laten we hopen dat haar toekomst beter zal zijn dan die van haar moeder. Door onderwijs, training en de juiste hulp zal Kevine haar leefomstandigheden de komende vijf jaar zien verbeteren. Haar ouders zijn vastbesloten het beste uit ons programma te halen. En wij ook. We gaan er samen voor.”

[button_primary link=”www.redeenkind.nl/uitdagingen-in-rwanda”]Lees hier meer over de uitdagingen in Rwanda[/button_primary]

Simone Schoemaker is manager Fondswerving & Bewustwording bij Red een Kind.

schoolkinderen DRC

De PVV, VVD, NSC en BBB zijn het eens geworden over het hoofdlijnenakkoord voor een nieuw kabinet. Voor ontwikkelingssamenwerking ziet het er helaas slecht uit. De nieuwe coalitie wil zware bezuinigingen doorvoeren, oplopend van 300 miljoen in 2025 tot maar liefst 2,4 miljard in 2027.

Gezien de verkiezingsprogramma’s van de partijen die aan het onderhandelen waren, zijn de bezuinigingen geen grote verrassing. Het had zelfs nog erger kunnen zijn: twee van de vier partijen wilden bijna geheel met ontwikkelingssamenwerking stoppen. De andere partijen hebben aan de onderhandelingstafel waarschijnlijk hun best moeten doen om de schade te beperken. Toch is het eindresultaat slecht nieuws voor kinderen in de landen waar we werken.

Juist nu het aantal conflicten toeneemt, de gevolgen van klimaatverandering voelbaar worden en kinderen en hun families nog steeds lijden onder extreme armoede, zijn investeringen vanuit welvarende landen zoals Nederland hard nodig. Het is pijnlijk dat de meest kwetsbaren wereldwijd de komende jaren op minder steun kunnen rekenen. Ook voor de positie van Nederland op het internationale toneel is het onverstandig zulke forse bezuinigingen door te voeren. We zijn immers geen eiland, en zijn voor onze handel, grondstoffen, veiligheid en welvaart grotendeels afhankelijk van het buitenland, ook van landen in het globale Zuiden. Het onderhouden van goede relaties en onze reputatie als een betrouwbare partner zou zwaarder moeten wegen.

Lichtpuntjes
Er zijn gelukkig ook lichtpuntjes. Zo wordt er een maximum van tien procent ingevoerd op uitgaven uit het ontwikkelingsbudget die mogen worden besteed aan de opvang van asielzoekers in Nederland. Op dit moment is dat percentage hoger, en het zou de komende jaren kunnen oplopen tot bijna een derde van het budget. Hierdoor zouden er steeds minder gelden beschikbaar zijn voor het behalen van ontwikkelingsdoelen elders in de wereld. De afspraak in het hoofdlijnenakkoord om dit op maximaal tien procent te houden verzacht de bezuinigingen enigszins. Ook de beslissing om de humanitaire uitgaven voor Oekraïne grotendeels buiten het ontwikkelingsbudget te houden is positief. Zo blijft er meer budget over voor crises op andere plekken.

Ook in dit politieke klimaat blijven wij ons inzetten voor deze kinderen en hun gemeenschappen, en weten we ons gesterkt door een trouwe achterban die ons werk mogelijk maakt. We roepen politieke partijen op een ruimhartig budget voor internationale samenwerking in stand te houden. Juist omdat we zo’n welvarend land zijn moeten we onze verantwoordelijkheid nemen, en de mensen die het écht nodig hebben blijven ondersteunen.

Tessa Teurlings
Lobbyist bij Red een Kind

Ons werk steunen?
[button_primary link=”www.redeenkind.nl/help-mee/met-een-donatie-gift/steun-onze-projecten/”]Geef aan een project[/button_primary]

Ontwikkelingssamenwerking is complex, dat weet directeur Andries Schuttinga als geen ander: “Misschien hebben we wel het moeilijkste vak dat er bestaat.” Andries is al vijftien jaar werkzaam binnen Red een Kind en heeft geleerd om in vertrouwen mee te bewegen met wat er gebeurt.

“Ons werk voor kinderen in kwetsbare gebieden is niet maakbaar. Het is drie stappen vooruit, twee stappen achteruit. Soms krijgen we teleurstelling te verwerken en gaan dingen niet zoals gehoopt. Natuurlijk maken we plannen, maar we weten ook: er kan in tussentijd van alles veranderen. En als je er over nadenkt is dat ook helemaal niet gek. We zijn bezig om de mindset van dorpsgemeenschappen te veranderen. Zoiets is niet te plannen! Dus we hebben geen keuze: we moeten meebewegen met wat er gebeurt.”

Dit vertrouwen heeft Andries moeten leren: “Ik geloof dat, als je ervoor openstaat om ingezet te worden daar waar je het goede doet, dat God het zegent. Dat heb ik vooral in Tanzania geleerd, waar ik langere tijd gewoond heb met mijn gezin. Ik leefde toen van giften. Dat was heel pittig en af en toe heel spannend, maar het is altijd goed gekomen. Dat voelde echt alsof God ingreep. Sindsdien maak ik me niet meer zo druk en probeer ik een open houding te hebben.”

Accepteren en vertrouwen dus. Maar betekent dit dat je niet kunt dromen? “Ik heb geen uitgebreide dromen voor de toekomst, maar dat past ook niet bij mij. Als Red een Kind lopen we in onze dorpsprogramma’s een tijdje samen met mensen op. We proberen ze iets mee te geven waardoor ze verder kunnen op hun eigen reis: het doel is zelfredzaamheid. Dat maakt dat je minder het gevoel hebt echt iets te moeten bereiken. Soms zeggen we dat het de missie van Red een Kind is om ooit overbodig te worden. Een mooi streven, maar laten we eerlijk zijn: ons type organisatie zal altijd nodig blijven. Jezus zei het al: de armen zullen altijd onder ons zijn.”

‘Ik wil mensen niet krampachtig vast blijven houden’

Andries noemt het dan misschien geen dromen, maar zijn idealisme is onmiskenbaar. Moeder Theresa zei ooit: “De manier waarop je dingen bereikt is minstens zo belangrijk als hetgeen dat je bereikt”. Andries reflecteert: “Ik begin hier steeds meer de waarde van in te zien. Dat onze medewerkers als eerlijk en betrouwbaar worden bestempeld door mensen in onze projectlanden vind ik minstens zo waardevol als de constatering dat een dorpsgemeenschap zelfstandig verder kan na een meerjarig dorpsprogramma. Daarin zit ook een getuigenis! De manier waarop je oog hebt voor de ander is essentieel. Ik wil mensen niet krampachtig vast blijven houden, we gaan op den duur onze eigen kant weer op. Als je probeert in grote en in kleine dingen oprecht te zijn en deze missie echt serieus neemt, geloof ik dat dat gezegend wordt.”

‘Jezus deed niet anders dan dienen, dat voorbeeld neem ik serieus’

Andries zou zichzelf niet omschrijven als een carrièretijger. Toch is hij opgeklommen tot directeur van Red een Kind. “Ik vind het erg leuk om te leiden, maar ben daarin bepalender dan ik zelf vaak denk”, vertelt hij. ”Ik vind het moeilijk als mensen tegen me opkijken om mijn functie. Ik ruim ook gewoon de vaatwasser uit op kantoor of help met klussen. We doen toch allemaal ons eigen stukje?”

Andries groeide op in een gezin zonder vader. Als weduwe had zijn moeder de zorg voor een jong gezin. Door zijn jeugd heeft Andries sterke ideeën over soberheid en het belang daarvan: “Pas wilden we grote beeldschermen op ons nieuwe kantoor hebben en dan denk ik: moet dat echt zoveel kosten allemaal? Alles zo goed mogelijk willen voor jezelf vind ik ingewikkeld. Je bent niet voor jezelf op de aarde, je bent er om te dienen. In balans natuurlijk, dat wel. Jezelf wegcijferen is ook niet goed. Ik vraag mijn collega’s regelmatig om het mij eerlijk te zeggen als ik weer eens doorschiet. Soms word ik op het matje geroepen – goedkoop kan duurkoop zijn. Maar Jezus deed niet anders dan dienen, dat voorbeeld neem ik serieus. Ook als Red een Kind zijn we dienend.”

Soberheid dus, een belangrijke waarde voor Red een Kind. Dit wordt ook duidelijk in de regelgeving die er is voor bijvoorbeeld de hoogte van salarissen. “Er is een nationale salarisnorm voor goede doelen waarvan Red een Kind gezegd heeft: daar gaan we onder zitten. Dit betekent dat onze medewerkers tien procent onder de norm worden betaald”, legt Andries uit. ”En onze Raad van Toezicht heeft bepaald dat de directeur het goede voorbeeld geeft: mijn salaris zit twintig procent onder de norm. Ik vind dat heel mooi; ik krijg genoeg. En als je bij Red een Kind werkt krijg je er zoveel mooie dingen voor terug, dus mag je best wat inleveren. Dezelfde toewijding zie ik bij onze medewerkers, die bewust kiezen om hier te werken omdat ze in onze missie geloven.” 

Spreekt de missie en visie van Red een Kind jou ook aan? 

[button_primary link=”www.redeenkind.nl/doneren”]Steun ons werk![/button_primary]

Red een Kind start in 2025 met een vernieuwend project in Rwanda. We hebben een goede samenwerking met de overheid in dit land, waardoor we een stap vooruit kunnen zetten met een nieuwe aanpak. Zo kunnen we nóg meer impact maken voor méér kinderen!

Met dit nieuwe project gaan we nog meer onze expertise inzetten: onderwijs en een veilige omgeving voor jonge kinderen. Want daar zijn we goed in: impact voor peuters en kleuters van 0-7 jaar. Uit onderzoek blijkt dat hoe eerder je kan werken aan de ontwikkeling van kinderen, hoe groter het effect is op hun verdere leven.

In Rwanda is dit hard nodig. Voor kinderen vanaf 7 jaar is onderwijs goed geregeld, maar jonge kinderen vallen buiten de boot. Als gevolg daarvan zijn ze regelmatig alleen thuis omdat de ouders aan het werk zijn om te zorgen voor het inkomen. Een peuter- en kleuterschool betekent dus goed onderwijs, maar ook: een veilige plek! Een sterke start zorgt voor een betere toekomst.

Turakura Kids Rwanda

We willen kinderen beschermen en kijken naar alternatieve manieren voor supporters van ons werk om betrokken te zijn. Daarom bieden we aan de huidige sponsors van Rwanda een nieuw model, dat Turakura Kids Rwanda zal heten. Turakura betekent ‘Wij groeien en leren samen’. We kiezen hierbij voor een unieke aanpak: we laten de klassieke communicatie van sponsorkind naar sponsor – en andersom – los en bieden meer digitaal aan. En het mooie is, de kinderen van Turakura houden de supporters zélf op de hoogte van hun belevenissen in de komende jaren!

Simone Schoemaker is manager Fondswerving en Bewustwording en vertelt over het nieuwe model: ‘’Turakura Kids Rwanda is een mooie stap voor Red een Kind als organisatie. Dit alternatief voor kindsponsoring past helemaal bij onze visie op de bescherming van kinderen in kwetsbare situaties.’’

Supporters leren op een heel directe manier de groep kinderen kennen en krijgen een inkijkje in het leven in Rwanda. In de Rwandese cultuur is het gemeenschapsdenken heel belangrijk, en juist dát kunnen de Turakura Kids heel goed laten zien! Want alleen ga je sneller, maar samen kom je verder.

Huidige sponsors van dorpsprogramma’s in Rwanda krijgen deze week een update over het nieuwe project. Meer nieuws volgt in september. Hou onze website in de gaten voor meer informatie.

[button_primary link=”www.redeenkind.nl/red-een-kind/nieuwsbrief”]Ik meld me aan voor de nieuwsbrief[/button_primary]

Welkom in Burundi! Ons nieuwe dorpsprogramma in Butaganzwa is dit jaar van start gegaan. Graag vertellen we je meer over dit project in 39 dorpen in Burundi.

In het oosten van Burundi ligt deze dorpsgemeenschap, waar bijna 22.000 gezinnen wonen. Een gezin bestaat uit gemiddeld zeven leden. Butaganzwa ligt in een bergachtig gebied met bergen van bijna 2.000 meter hoog. In het regenseizoen is het hier erg koud, terwijl de zomer juist droogte kan brengen.

In dit gebied leven veel mensen van landbouw, daglonerswerk en kleinveeteelt. Slechts een handvol mensen heeft een eigen bedrijf om geld mee te verdienen. Omdat de dorpen van Butaganzwa tussen de hoge bergen liggen, wisselt het weer er behoorlijk. In het regenseizoen is de vallei grotendeels volgestroomd met water, wat het gebied perfect maakt voor het verbouwen van bonen, groenten, rijst, (zoete) aardappelen en mais. Daarnaast maken de inwoners bakstenen in de zomer. Deze worden gebruikt voor het bouwen van huizen.

Wist je dat…
… kinderen in dit gebied ’s ochtends vaak de restjes van het avondeten als ontbijt krijgen?
… het in het regenseizoen heel moeilijk is voor kinderen uit bergdorpen om naar school te gaan? Door de regen worden wegen onbegaanbaar.
… veel kinderen pas naar school gaan vanaf zeven of acht jaar oud? En dat ze vaak eerder met school stoppen om in Tanzania naar werk te zoeken?
… jongens en meisjes graag voetbal of een vorm van hockey spelen? Maar dat hier weinig tijd voor is omdat kinderen moeten helpen bij klusjes in of rondom het huis?

Geert de Jonge is manager programma’s voor Red een Kind. Hij vertelt over Zuid-Soedan: een land waar we op het Nederlandse nieuws niet vaak iets over horen.

“Het voelt voor mij alsof het Nederlandse nieuws deze ellende niet kan verwerken. Op het nieuws zie je vaak maar één crisis per keer: nu is het Gaza, vorig jaar Oekraïne. Je kunt er niet ook nog een Zuid-Soedan bijhebben, omdat je dat niet kunt overzien of verwerken als mens, denk ik.

Ik ben verantwoordelijk voor alle programma’s van Red een Kind in alle landen waar we werken, dus ook voor onze programma’s in Zuid-Soedan. Het is altijd indrukwekkend om daar terug te zijn. Er zijn hele periodes geweest waarin het lastig en gevaarlijk was om erheen te gaan. Gelukkig hebben we een goede voorbereiding, zoals een veiligheidstraining en goed contact met de Nederlandse ambassade in Zuid-Soedan.”

Speciale voedselpakketten
“Zuid-Soedan kent grote uitdagingen. Er is langere tijd een strijd geweest met Soedan, waarna het land in 2011 onafhankelijk werd. Het christelijke zuiden heeft zich toen afgescheiden van het islamitische noorden. Ook binnen Zuid-Soedan is er sinds die tijd helaas veel gevochten. Er is momenteel een vredesakkoord op nationaal niveau, maar tussen de verschillende stammen die er leven zijn gevechten.

In Zuid-Soedan is voedselzekerheid een groot probleem. We hebben bepaalde indicatoren hoe we dit meten, met verschillende gradaties. De hoogste gradatie is ‘hongersnood’: Zuid-Soedan zit hier heel dicht tegenaan. Bijna alle kinderen zijn ondervoed. Er wordt nu gewerkt met speciale noodvoedingspakketten, omdat kinderen gewoon voedsel bijna niet kunnen verwerken.”

Pibor
“Als Red een Kind werken we in de regio Pibor: een bijzondere regio omdat er veel problemen zijn met water. Het is eigenlijk een soort moerasgebied. Je kunt het haast vergelijken met Nederland van heel vroeger. De regio overstroomt elk jaar. Dus je hebt hele droge periodes, en periodes met heel veel water. Tijdens deze tijd van overstromingen kun je nergens met de auto komen: je reist per boot en draagt hoge laarzen om mensen te bereiken. Het ene seizoen leven mensen van de visserij, en in de andere periode wat meer van het vee of landbouw.

We proberen objectief naar een projectland te kijken. We kijken naar informatie van de Verenigde Naties en onderzoeken allerlei indicatoren. We concludeerden dat Pibor in de top-5 van allerarmste gebieden van Zuid-Soedan zit.”

Langdurige hulp
“Er zijn verschillende dingen waar de mensen in Pibor echt behoefte aan hebben. Ten eerste is dat voedsel en water. Daar beginnen we mee in een gebied als deze. Maar daarnaast willen we zoveel mogelijk doen in de stappen hierna: kinderbescherming, bijvoorbeeld. Dat kinderen beschermd worden, dat ze naar school kunnen gaan, dat ze kunnen spelen en hun trauma’s kunnen verwerken. We willen ook zoveel mogelijk van die stappen maken. We kunnen focussen op de korte termijn, en dat is ook nodig, maar wij focussen ons ook op gezondheidszorg, traumaverwerking en sport en spel.

Rond de luchthaven van Pibor (een strook aarde middenin een grasland) liggen de meeste dorpen. Hoe verder je daarvan gaat, hoe schrijnender en minder toegankelijk het wordt. Je kunt een gezondheidskliniek neerzetten in een groot dorp, maar dan is er een aantal gebieden waar je mensen niet kunt bereiken. We proberen zo goed mogelijk in kaart te brengen waar wat nodig is.”


Jonge kinderen

“Als Red een Kind werken we samen met de Dutch Relief Alliance (de DRA). Zo krijgen we een mooi basispakket, met best veel geld om aan de slag te gaan. Maar je merkt toch in zo’n groot gebied dat de focus op voedsel en water lang niet genoeg is. We zien nog een heel aantal gaten, met name voor jonge kinderen. Zo is er geen kleuteronderwijs en geen traumaverwerking. Terwijl deze kinderen juist veel ellende meekrijgen van hun ouders en de familie om zich heen. Die echte focus op het kind kunnen we niet inbrengen met het geld van de DRA. Dat willen we graag op een andere manier doen, met andere stromen van geld.

Het is mooi dat Nederland geld geeft voor noodhulp, maar het geld voor langdurige hulp en het maken van de volgende stap, daar is veel minder geld voor. En dat willen wij graag doen, anders moet je jaren terug blijven komen in Pibor om precies hetzelfde te blijven doen.”

De armste tien procent
“Ik snap mensen als ze zeggen dat er veel armoede in Nederland is: dat is waar. Sommige mensen hebben het ongelooflijk lastig in ons land. Maar dan heb je nog wel een redelijk beperkte blik van wat armoede echt kan zijn in deze hele wereld. Het inkomen van Nederlanders, zelfs de armste mensen in Nederland, valt nog onder de dertig procent rijkste mensen van deze wereld. In Pibor hebben we het over de armste tien procent. Dat is echt een andere gradatie van armoede. Elk leed is even erg, van mensen over deze wereld. Maar je kunt wel zeggen dat als je geen dak boven je hoofd hebt en geen voedsel meer hebt, dat dat echt wel een ander niveau van armoede is.”

Hulp is hard nodig. Doe je mee?

[button_primary link=”www.redeenkind.nl/pibor”]Ik geloof in Pibor[/button_primary]

Dit artikel is een samenvatting van het interview met Geert in het programma Brandstof op Groot Nieuws Radio. Luister het hier terug.

Dit is Theo, 53 jaar, getrouwd, vader van 4 zonen en een dochter in de leeftijden van 9 tot 33 jaar. 

Henriët Seinen is relatiemanager voor Red een Kind en bezocht het dorpsprogramma in Rwamagana in Rwanda. Haar ontmoeting met deze stralende vader maakte indruk op haar. 

”Ik ben op een peuter- en kleuterschool en spreek met Theo. Theo is boer met land en vee. Hij verbouwt maïs, bonen, cassave en bananen. Sinds vijf jaar is hij lid van het ouderschapscomité van de school; de laatste jaren is hij zelfs voorzitter. Het comité ontvangt en deelt trainingen en bijeenkomsten over onderwerpen die voor kinderen van belang zijn: positief ouderschap, scholing, gezondheid, goede voeding en veiligheid. Andere taken van het comité zijn het organiseren en monitoren van de andere groepen. Ze motiveren andere ouders om ook deel te nemen aan bijvoorbeeld de zelfhulpgroep.

Momenteel is de gemeenschap druk bezig met duurzaamheid: zo veel mogelijk investeren in de toekomst zodat ze volgend jaar, als Red een Kind uit het gebied vertrekt, zelfstandig verder kunnen gaan. Hoe pakt de peuter- en kleuterschool school dit aan? Bijvoorbeeld door de aanschaf van een koe (waar inmiddels een kalf bij loopt) zodat de kinderen dagelijks melk van de eigen koe krijgen.

Theo heeft in het comité ontdekt hoe belangrijk het is om te zorgen voor je kinderen. Voorheen was hij vaak van huis om een beetje te kletsen en te drinken met de mannen. Nu is hij meer betrokken bij zijn gezin en bespreekt hij alles wat hij leert met zijn vrouw. Bijvoorbeeld over gezonde en gevarieerde voeding. De aardappels van weleer worden afgewisseld met groente en fruit.

Behalve met ouders zoekt de school ook contact met de lokale overheid. De lerarensalarissen worden hier inmiddels ook betaald door de overheid. Dat scheelt nogal. Het schoolgeld wordt in deze arme regio bewust laag gehouden: 1000 Rwandese frank per vier maanden. Dat is omgerekend 80 eurocent. Toch kan niet iedereen naar school: er zijn simpelweg te veel kinderen. Op de basisschool lossen ze dat op door ‘s morgens en ‘s middags dezelfde lessen aan verschillende groepen te geven.

Veranderingen en uitdagingen
”Wat is er veranderd?” vraag ik Theo. Hij vertelt dat voorheen de kinderen pas met 7 jaar naar school gingen. Ze hingen overdag rond of speelden bij het meer. Door de peuter- en kleuterschool wennen ze aan het naar school gaan en is de overgang naar de basisschool op hetzelfde terrein niet zo groot.

Inmiddels gaat 95% van de kinderen uit de omgeving naar school. Wat een mooie veranderingen! Er zijn vast ook uitdagingen. Theo noemt er drie. Zo is er geen goed speelplein en moeten de kinderen eerst de weg oversteken om te kunnen spelen in het gras. Een ware uitdaging met 30-40 kleuters… Ook zijn er ouders die niet echt meedoen. Dat blijkt in 30% van de gevallen zo te zijn. Dat vind ik een hoog percentage. Wat wordt hieraan gedaan? Samen met de overheid werken ze aan bewustwording en mobilisering. Het comité nodigt ouders uit om lid te worden van een zelfhulpgroep. Vaak doen mensen niet mee omdat ze arm zijn en de hoop op verandering een beetje hebben opgegeven. Juist deze mensen moeten meedoen! Door samen te werken kunnen ze kleine beetjes geld opzij zetten voor de school van hun kinderen. We hebben gezien dat het werkt en hopen ook deze ouders te laten zien dat het anders kan.

Ten slotte. Zijn er dan nog dromen voor de school en de gemeenschap? ”Weet je,” zegt Theo, ”Kinderen worden in Rwanda gezien als de wortels van de samenleving. En scholing betekent ontwikkeling.” De peuter- en kleuterschool is de basis, het ouderschapscomité probeert zo veel mogelijk ouders erbij te krijgen. Groter of meer boeren kan niet in het kleine, dichtbevolkte Rwanda. Scholing kan wél. Zo zal Rwanda zich als land kunnen ontwikkelen.

Theo’s droom is dat alle kinderen naar school gaan: van peuter- en kleuterschool tot universiteit. Een speerpunt, zowel voor de Rwandese overheid als voor deze bevlogen vader, uit een klein dorpje op het platte platteland.”

1. Je wilt alleen kinderen in armoede in Nederland helpen
Red een Kind werkt in Burundi, Oeganda, Rwanda, Zuid-Soedan, DR Congo, Malawi, Kenia, Somalië en in India.

2. Je vindt investeren in kinderen zinloos
Een toekomst zonder armoede voor elk kind staat centraal in onze werkwijze. Kinderen zijn de toekomst!

3. Je wilt alleen je sponsorkind helpen
Wij geloven dat een kind is gegeven aan de ouders, familie en de omgeving. Hier kan hij of zij veilig opgroeien. We richten ons met onze projecten niet op enkele kinderen en gezinnen, maar altijd op het hele dorp.

4. Je wilt direct effect zien van je steun
Door de vaardigheden en kennis die ouders krijgen kunnen ze zelf de armoedespiraal doorbreken. Zo kunnen ze zelf zorg dragen voor de toekomst van hun kinderen. Ze werken aan een toekomst waarin ze uiteindelijk de hulp van Red een Kind niet meer nodig hebben. Stapje voor stapje werken we zo aan een duurzame oplossing.

5. Je wilt alleen aan grote organisaties geven
Red een Kind is een persoonlijke en efficiënte organisatie. Over de bestedingen binnen projecten houden we je op de hoogte; we vinden transparantie erg belangrijk. We werken op zo’n manier dat we ons kunnen focussen op onze expertise: het welzijn van kinderen.

6. Je gelooft niet in de kracht van een groep
Sociaal isolement is een van de belangrijkste gevolgen van armoede. Leren samenwerken en op elkaar kunnen bouwen is daarom van cruciaal belang in onze programma’s. De resultaten die een groep bereikt zijn effectiever en duurzamer. Samen kun je sparen en investeren!

7. Je betwijfelt of lokale overheden iets kunnen bijdragen
We schakelen altijd de overheden, lokale kerken en andere organisaties in het gebied in. We helpen dorpen om te lobbyen bij de overheid en aanspraak te maken op faciliteiten zoals wegen, scholen of gezondheidszorg.

8. Je ziet geen toekomst in landbouw
In onze projecten geven we vakopleidingen en werken we aan nieuwe, klimaatbewuste landbouwtechnieken. Een agrarische vakopleiding is voor jonge, ondernemende boeren de kans om uit armoede te groeien!

9. Je wilt alleen christenen helpen
Elk kind is een uniek geschenk van God. Iedereen, ongeacht leeftijd, afkomst, religie, beperking of geslacht, doet mee en profiteert van het programma.

10. Je wilt gewoon spullen geven
Onze projecten zijn gericht op zelfredzaamheid: zo is verandering duurzaam! Wil je graag spullen geven, dan kun je terecht bij een van onze kringloopwinkels.

Toch overtuigd van onze werkwijze?

[button_primary link=”https://www.redeenkind.nl/help-mee/met-een-donatie-gift/”]Steun ons werk[/button_primary]